Waarom we meelopen in herdenkingstocht: 'Kerk is geen hofleverancier meer, we zoeken andere wegen'

Columns: Omroep Brabant

ZEVENBERGEN - Herdenkingstochten, het komt vaak voor. Grote groepen mensen betuigen steun aan nabestaanden en slachtoffers van een dramatische gebeurtenis door middel van een massale gezamenlijke tocht. Maar waarom? Waar komt deze drang om publiekelijk te rouwen vandaan?

Woensdagavond is in Zevenbergen een herdenkingsdienst voor Claudia Oskam. De jonge vrouw werd afgelopen weekend om het leven gebracht door haar ex-man. Familie rouwt, Zevenbergen rouwt, Nederland rouwt.

Er worden in Zevenbergen honderden mensen verwacht bij de tocht. 

Het is niet de eerste herdenkingstocht in onze provincie. Het afgelopen jaar waren vonden er verschillende tochten plaats in Brabant. De dood van overleden baby Jort in Veldhoven bracht veel mensen op de been. Duizend mensen liepen mee tijdens de tocht voor de overleden Memphis van Veen (18). Ze stierf na een aanrijding met een arrestatieteam. 



Wat hebben herdenkingstochten gemeen? 


De tochten hebben overeenkomsten. In vrijwel elke (stille) herdenkingstocht wordt een route afgelegd die begint bij een plek die symbool staat voor de gemeenschap en de overledene. De tocht eindigt op de plek des onheils. Vaak gaat de burgemeester voorop in de stoet om te laten zien dat geweld niet getolereerd wordt.  



Volgens cultuurtheoloog Frank Bosman uit Vlijmen, werkzaam op de Universiteit van Tilburg,  is een herdenkingstocht een soort ritueel dat we nodig hebben om heftige momenten in ons leven te verwerken.

"Gevoelens die onzichtbaar blijven, moeten gesymboliseerd worden om ermee om te kunnen gaan. Vroeger was de kerk de hofleverancier van dit soort rituelen maar tegenwoordig wordt deze niet meer zo druk bezocht. Zo ontstaan er nieuwe rituelen, deze wel doen denken aan rituelen in de kerk. De mens is immers altijd op zoek naar zingeving." 



Rouwen in het openbaar


Bosman wijst op de overeenkomsten met de kerk, zoals het ontsteken van kaarsen. Dat is ooit begonnen in de kerk maar zie je ook terug in herdenkingstochten. Toch lijken we bij een herdenkingstocht meer publiekelijk te rouwen dan in de kerk. Maar daar gaan we de fout in volgens Bosman. 



"Politici doen het de laatste decennia voorkomen alsof religie bij de privésfeer hoort, achter de voordeur en niet in openbaarheid. Maar dat is een grote misvatting. Denk aan een begrafenisstoet. Die ging vroeger door het hele dorp. Iedereen in het dorp deed op z'n hoed af en deed een gebedje. Het rijke Roomse leven speelde zich overal af. Dat zo'n herdenkingstocht publiekelijk plaatsvindt, is juist een overeenkomst. Dat is niet anders dan in de katholieke kerk."



Angst een plek geven


De reden dat we meelopen in een herdenkingstocht heeft volgens Bosman vooral te maken met angst. Angst omdat er iets in de samenleving gebeurt dat niet te bevatten is.

"We krijgen het gevoel dat het leven ongrijpbaar is, de wereld ziet er bar en boos uit. Hadden we dit kunnen voorkomen? Deze gedachten maken ons angstig, die angst willen we bezweren. Het is een collectieve manier om die angst een plek te geven."



Voelen we ons na afloop van een herdenkingstocht ook enigszins beter? Bosman denkt van wel. "Je hebt het idee dat je er toch iets mee gedaan hebt. Je hebt er iets van gezegd. Dat klinkt heel vaag en dat is het ook. Rationeel gezien schiet je er niets mee op want de situatie verandert niet. Maar zingevend gezien heeft zo'n herdenkingstocht wel degelijk zin. Het reinigt een gemeenschap ook van een collectieve schuld, want ze konden er niks doen."

15 januari 2014

Terug naar Omroep Brabant